Force Archival: Het parcours en het archief van Anne-Mie Van Kerckhoven
Anne-Mie Van Kerckhoven (°1951, Antwerpen) is een van de belangrijkste levende Belgische kunstenaars. Met solotentoonstellingen in toonaangevende instituten zoals Kunsthalle Bern (2005), The Renaissance Society (2011), Kunstverein München (2015), Museum Abteiberg (2016) en Museum Fridericianum (2018) bereikte ze de voorbije jaren ook een internationaal publiek met haar veelzijdige artistieke praktijk, die onder meer tekeningen, video’s, werken met kunststof en experimenten met computeranimaties en artificiële intelligentie omvat. In het kader van het voorbeeldtraject rond kunstenaarsarchieven vanaf 1970 benaderde CKV Van Kerckhoven met een dubbele doelstelling: enerzijds om de structuur van haar omvangrijke archief voor het eerst in kaart te brengen en inzicht te krijgen in haar noden en visie hierop, anderzijds om via een uitgebreid gesprek haar artistieke parcours te documenteren, met bijzondere aandacht voor haar tentoonstellingsgeschiedenis.
Van Kerckhovens eerste tentoonstellingen ontstaan in informele en vaak weinig professionele contexten. Haar werk wordt in deze periode regelmatig als confronterend ervaren, zelfs door haar eigen omgeving. Zo kwamen haar ouders in 1975 naar verluid wenend thuis na het zien van haar eerste tentoonstelling, samen met keramiste Coco Kemper, (°1943, Heemstede), bij Galerij Stijn in Hoboken. Vanaf het einde van de jaren zeventig en de vroege jaren tachtig exposeert Van Kerckhoven geregeld op alternatieve kunstplekken in Nederland, Duitsland en zelfs in de Verenigde Staten, waar experiment en interdisciplinariteit centraal staan. Doorheen de jaren tachtig neemt de institutionele interesse voor haar werk stilaan toe, met onder meer solotentoonstellingen in het Internationaal Cultureel Centrum (1982, 1985, 1989), Antwerpen en de Vereniging voor het Museum van Hedendaagse Kunst (1986), Gent en deelname aan de groepstentoonstelling Confrontatie-Confrontaties (1988) in het Museum van Hedendaagse Kunst, eveneens in Gent. Met Jan Hoet, de alomtegenwoordige conservator van het Gentse museum, heeft Van Kerckhoven een complexe verstandhouding. Haar tentoonstellingen binnen het bredere tentoonstellingskader rond Hoet vertonen een cyclus van erkenning en afwijzing, met terugkerende disputen over selectiecriteria en vooral de artistieke waarde van haar werk. Exemplarisch hiervoor is Van Kerckhovens selectie voor Ponton Temse (1990), een door Jan Hoet gecureerde tentoonstelling die algemeen wordt gezien als try-out voor de door hem samengestelde documenta IX (1992), waarvoor zij uiteindelijk niet werd geselecteerd. Uiteindelijk vertaalt Van Kerckhovens consequente en veelzijdige praktijk zich in een breed gedragen nationale institutionele erkenning, met onder meer solotentoonstellingen in M HKA (1999), S.M.A.K. (2000), WIELS (2008), Mu.ZEE (2012) en opnieuw M HKA (2018).
Anne-Mie Van Kerckhoven in haar archief. Foto: CKV (2026).
Het archief van Van Kerckhoven is geen statisch geheel, maar maakt integraal deel uit van haar artistieke praktijk. Haar ateliers functioneren daarbij als werkplaatsen waarin productie, bewaring en reflectie samenvallen. Tegelijk speelt het archief een actieve rol in Van Kerckhovens manier van werken, waarbij het niet enkel het verleden documenteert, maar ook als bronmateriaal fungeert voor nieuwe artistieke ingrepen. Exemplarisch hiervoor is de omvangrijke beeldbank van vrouwenbeelden die de kunstenares doorheen de jaren heeft verzameld en systematisch hergebruikt in reeksen waarin ze visuele stereotypen opnieuw contextualiseert door ze te confronteren met tekstmateriaal uit de meest uiteenlopende theoretische kaders.
De structuur van dit archief volgt een eigen, grotendeels visuele en associatieve logica die voor Van Kerckhoven vanzelfsprekend is, maar zich niet zonder meer laat doorgronden van buitenaf. Van Kerckhoven geeft aan dat haar artistieke praktijk zich slechts gedeeltelijk laat vatten via de structuren die zij in het archief en databank heeft opgebouwd, en ziet daarom een belangrijke rol weggelegd voor onderzoekers om op basis van dit materiaal nieuwe verbanden te leggen en haar praktijk verder te ontsluiten.
Archief Anne-Mie Van Kerckhoven. Foto: CKV (2026).
De ontwikkeling van haar digitale archief, onder meer vanaf het begin van de jaren 2000, introduceerde bijkomende vormen van ordening, vaak in dialoog met systemen die door anderen werden opgezet. Dit geldt eveneens voor de bijdrage van haar echtgenoot en artistieke partner Danny Devos, met wie zij Club Moral heeft opgericht. Zijn databanklogica wijkt af van haar eigen, meer intuïtieve en visuele aanpak, maar draagt tegelijkertijd bij aan de duurzame toegankelijkheid van haar werk. Hoewel Van Kerckhoven haar artistieke praktijk consequent als autonoom beschouwt, erkent ze dat haar archief in de loop der tijd ook onlosmakelijk verweven is geraakt met dat van Devos. In het nadenken over haar nalatenschap staat voor haar dan ook centraal hoe dit complexe geheel in de toekomst werkbaar en toegankelijk kan blijven, zonder de eigenheid van haar praktijk uit het oog te verliezen — een gevoeligheid die mede geworteld is in de genderverhoudingen binnen het kunstveld waarin haar werk tot stand kwam.
Lees hier het volledige interview.