Archief, onderzoek en digitale ontsluiting: mijn stage bij de nalatenschap van Roland Van den Berghe

Tijdens mijn bachelor Kunstwetenschappen aan de Ugent maakte ik voor het eerst kennis met het werk van Roland Van den Berghe, in het vak Onderzoeksvaardigheden 2. Een korte onderzoeksproject over Van den Berghes performatieve werk ‘Clysma’ uit 1968, bij Galerie Foncke in Gent wekte mijn nieuwsgierigheid. Niet alleen beelden en ideeën uit dit werk, maar uit het gehele oeuvre van deze heden ten dage minder bekende kunstenaar spraken me erg aan. Toen in 2024 het pilootproject rond Van den Berghes nalatenschap van start ging, zag ik daarin een kans om mijn academische interesse te verbinden met praktijkervaring.

Stagestudent Sara Bruggen in het archief van Roland Van den Berghe. Foto: Dorothée van den Berghe (2025).

Terugblik op de stage

Tijdens mijn stage vervulde ik twee verschillende maar aanvullende rollen, namelijk die van archivaris en webdesigner. Een groot deel van de tijd besteedde ik aan het ordenen en inventariseren van brieven, schetsboeken en documentatie rond enkele sleutelwerken. Het archiefmateriaal dat vanuit Destelheide werd overgebracht, bracht ik systematisch verder in kaart, waarbij ik de bestaande inventaris en methodologie uit het pilootproject als leidraad gebruikte. Verder digitaliseerde ik ook fotografisch materiaal uit het archief van Roland Van den Berghe bij het Archief en Museum voor het Vlaamse leven te Brussel (AMVB). Dit materiaal vormde een mooie basis voor het verder uitbouwen van de website.

Het in kaart brengen van het divers archiefmateriaal vereiste nauwkeurigheid, geduld en een kritische blik op de bronnen. Elk document, foto of notitie droeg een eigen context en betekenis, waardoor het belangrijk was om niet enkel te registreren, maar ook te interpreteren. Het zorgvuldig toepassen van bestaande nummeringssystemen en beschrijvingen was namelijk essentieel om het materiaal later terugvindbaar te maken voor onderzoekers en het bredere publiek. Door aandacht te besteden aan de herkomst, datering en thematische verbanden kreeg ik een beter inzicht in de manier waarop een nalatenschap zich als geheel vormt.

Op bezoek in Destelheide in het archief van Roland Van den Berghe. Foto: Sara Bruggen (2026).

Mijn eerste archiefdoos. Foto: Sara Bruggen (2026).

Digitaliseren van foto’s uit het archief van Roland Van den Berghe. Foto: Sara Bruggen (2026).

Naast het archiveringswerk, zette ik me ook in voor de digitale presentatie van dit project. Ik breidde  de website uit met documentatie van de geselecteerde kunstwerken, waardoor mijn onderzoeksresultaten en ontdekkingen toegankelijk werden voor een breder publiek. Voor deze digitale presentatie stelde ik een selectie van acht projecten samen, waarin ik onder meer zijn twee “accidenten” Clito (1968) en Clysma (1968) opnam, evenals een reeks happenings en participatieprojecten zoals Britse Theater week (1967), Reportage (1967), Cooper Union (1975) en Kollectieve Kollage (1976). Daarnaast koos ik twee assemblages/objecten: Vogelvrij Funktie 1 & 2 (1970) en Raket in huiskamer (1973). Deze selectie van acht werken schetsen een representatief beeld van Van den Berghes oeuvre en werd opgenomen op de website van de artistieke nalatenschap.

Poster acht sleutelwerken Roland Van den Berghe. Foto: Sara Bruggen (2026).

Wat ik een meerwaarde vond aan mijn stage is dat deze een directe link vormt met mijn bachelorproef. Dat richt zich op het oeuvre van Van den Berghe, met een focus op de periode van 1964 tot 1980. Ik voer een studie uit naar de manier waarop zijn schilderijen voortbouwen op zijn vroegere acties en onderzoek hoe de beeldtaal van de kunstenaar evolueert van een mystieke, symbolische benadering naar een expliciete kritiek op maatschappelijke thema’s. De archivalia waarmee ik tijdens mijn stage werkte, leverden concrete aanknopingspunten en illustratief materiaal voor deze analyse. Dit primaire bronnenmateriaal droeg bij aan de uitbouw van het theoretisch kader van mijn onderzoek.

Tot slot ging ik tijdens mijn onderzoek en stage opzoek naar verwant archiefmateriaal met betrekking op het oeuvre van Roland Van den Berghe. Om een breder beeld van zijn artistieke praktijk te verkrijgen, bezocht ik verschillende archiefinstellingen en musea, waaronder Bozar in Brussel, S.M.A.K. en MSK in Gent, en de kunstbibliotheek van het KASK. Deze bezoeken boden waardevolle inzichten in de manier waarop Van den Berghes werk in diverse collecties wordt bewaard en ontsloten.

Roland Van den Berghe

Roland Van den Berghe (°1943, Gent) studeerde teken- en schilderkunst en monumentale vormgeving aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Gent (1958 – 1965). Zijn vroege werk bestaat uit schilderijen in materialen zoals latex, grafiet en was, vaak gebaseerd op persfoto’s en mediabeelden. Vanaf 1967 verplaatst hij zijn praktijk naar de publieke ruimte, waar hij acties en interventies uitvoert, onder meer tijdens de British Theater Week in Brussel. Eind jaren zestig ontwikkelt hij ruimtelijke installaties die hij “accidenten” noemt, en in de jaren zeventig maakt hij assemblages en objecten die inspelen op sociale en institutionele contexten. Zijn oeuvre omvat schilderijen, acties, ruimtelijke ingrepen en participatieve projecten.

Conclusie

De stage bij CKV en de nalatenschap van Roland Van den Berghe gaf me de gelegenheid om onderzoek en archiefzorg te verenigen. Wat ik leer aan de opleiding kon ik actief inzetten. Daarnaast kon ik mijn kennis van invetarisatie en webdesign verder ontwikkelen. Werken met deze nalatenschap liet me beseffen dat zowel de archiefbeheerder als ik keuzes moesten maken: wat gaan we tonen, wat selecteren we, hoe presenteer je iemands werk en leven, en hoe respecteer je de intenties van de kunstenaar?

Deze ervaring heeft mijn begrip op Van den Berghes werk verdiept en mijn nieuwsgierigheid nog verder aangewakkerd. Het voelt als een begin van een langer traject voor mezelf van onderzoek en reflectie rond een kunstenaar wiens oeuvre nog veel te onthullen heeft. De inventarisering van het materiaal en deze terbeschikking stellen ervan op de website draagt ertoe bij dat ook andere geïnteresseerde onderzoekers beschikken over grondstof voor verder onderzoek. Bovendien maakt het de nalatenschap van een kunstenaar (diens oeuvre, archief en praktijk) zichtbaarder en toegankelijk voor een breder publiek. Het plaatst een stuk kunstgeschiedenis dat anders zou dreigen verloren te gaan, voor het voetlicht.

Tot slot wil ik Dorothée van den Berghe bedanken voor haar begeleiding en de leerrijke ervaring, evenals CKV voor de ondersteuning en de opportuniteit die mij werd geboden.

SB

wiki e